Send As SMS

28.7.06

Hirsi Ali 3

Mondiale berichtgeving

Een mens leert altijd bij. In mijn vorige post maakte ik een opmerking over het feit dat mevr. Hirsi Ali in de Engelse versie van haar persverklaring van 16 mei al over de naam Ali als de naam van haar grootvader sprak, terwijl voordien altijd was gedacht dat het de (derde) naam van haar moeder was. Ik verbond daaraan het vermoeden dat mevr. Hirsi Ali al op die dag een strategie klaar had om het verlies van haar Nederlanderschap te voorkomen. In noot 28 van mijn vorige post wees ik ook op de overeenkomst tussen de formulering van mevr. Hirsi Ali ("So I chose a name..."; zie noot 27 van die post) en die van haar advocate Britta Böhler ("maar ze hadden óók voor Ali mogen kiezen") in een artikel in NRC Handelsblad van 28 juni 2006; beide formuleringen sluiten mooi aan bij een van de "bijzondere omstandigheden" in de conclusie van de procureur-generaal bij het arrest van de Hoge Raad, waarin sprake is van: "een naam[...] waaronder de naturalisandus (ook) bekend staat".
Nu, dat vermoeden vindt inmiddels steun in een mededeling van mevr. Hirsi Ali op diezelfde 16e mei die ik in een buitenlandse nieuwsbron las en die ik nog niet eerder onder ogen had gehad: "Depuis hier soir, j'ai un avocat, et il m'a dit de ne pas répondre aux questions concernant la naturalisation et mes projets d'avenir". Sinds 15 mei was er dus al sprake van contact tussen mevr. Hirsi Ali en haar advocate, wat zou kunnen verklaren hoe mevr. Hirsi Ali al op 16 mei kon weten dat die bijzondere omstandigheid op haar speciale geval van toepassing was.1)
De lezer van mijn vorige post zal hebben opgemerkt dat de brief van minister Verdonk inzake de naturalisatie van mev. Hirsi Ali mij niet overtuigd heeft van de waarachtigheid van de door de minister -- en mevr. Hirsi Ali zelf -- gegeven argumentatie. Zo vind ik onder meer het argument dat de grootvader van mevr. Hirsi Ali, Magan Isse Guleid, de geboortenaam Ali had gehad voordat hij ca. 1870 de erenaam Magan kreeg, zwak onderbouwd. Mij stoort dat met name het ministerie van Buitenlandse Zaken geen contact lijkt te hebben opgenomen met Hirsi Magan Isse, de vader van mevr. Hirsi Ali en de zoon van Magan Isse Guleid. Daaraan doet niet af dat ik inmiddels ook in een buitenlands persbericht heb gelezen dat mevr. Hirsi Ali's vader volgens haar eigen zeggen sinds het uitkomen van de film Submission niets meer met haar te maken wenst te hebben.
Een nieuwe ontwikkeling is intussen dat het tv-programma NOVA op 26 augustus de documentaire "De gelukzoeker" van Twan Huys heeft uitgezonden waarin mevr. Hirsi Ali een jaar lang tijdens haar bezoeken aan de VS wordt gevolgd. In deze documentaire blijkt dat mevr. Hirsi Ali al op 31 december 2005 een toezegging voor een functie bij het American Enterprise Institute had gekregen. Dit bevestigt wat ik in noot 8 van mijn vorige post heb geschreven, dat haar voornemen om naar de VS te vertrekken van eind 2005 dateert, en is in overeenstemming met wat zijzelf in haar Engelstalige persverklaring van 16 mei heeft gezegd: "In the fall of 2005 I told Gerrit Zalm and Jozias van Aartsen, the leaders of the VVD, that I would not be a candidate for the parliamentary elections in 2007. I had decided to opt for a more international platform, because I wanted to contribute to the international debate on the emancipation of Muslim women and the complex relationship between Islam and the West."
Intrigerend is verder een lijn in de documentaire die betrekking heeft op de op komst zijnde uitzending van Zembla's programma "De heilige Ayaan". Hieruit blijkt dat mevr. Hirsi Ali eind april 2006 voorinzage van een deel van "De heilige Ayaan" heeft gehad en dat zij zich daar grote zorgen over maakte. Ze wist dat Zembla met haar broer Mahad had gesproken. En dan duikt na afloop van een interview dat mevr. Hirsi Ali in New York heeft gegeven, een clangenoot van mevr. Hirsi Ali, Abdulachi Yasim Hasan, op, van wie Twan Huys vertelt dat hij een goede vriend van Masad is, die vroeger samen met hem in een huis in Nairobi heeft gewoond. Deze Abdulachi vertelt mevr. Hirsi Ali -- onder het oog van de camera -- in een taal die vermoedelijk Somalisch is, dat haar broer psychisch ernstig ziek is en volkomen in de war door de straten van Nairobi zwerft. Vervolgens vertelt hij (zich richtend tot de verslaggever) ons als kijkers in het Engels nog eens wat hij zojuist aan mevr. Hirsi Ali heeft meegedeeld en voegt eraan toe dat naar zijn mening de toestand van Mahad zodanig is dat "alles wat hij in interviews beweert, irrelevant is".
Zoals bij meer gebeurtenissen in de zaak-Hirsi Ali roept dit gedeelte van de documentaire serieuze vragen op. De ontmoeting tussen mevr. Hirsi Ali en haar clangenoot wordt ons als toevallig gepresenteerd, maar als ze dat geweest is, kan dat nauwelijks iets anders betekenen dan dat tijdens die ontmoeting, buiten beeld, ook over de komende Zembla-uitzending is gesproken. Hoe kon Abdulachi anders weten dat Mahad (door Zembla) geïnterviewd was? Weliswaar antwoordt Abdulachi op de vraag van de verslaggever dat hij Mahad "minder dan een maand geleden, ongeveer twee weken geleden" (24:20) gesproken heeft -- zodat Mahad zelf hem ook over de interviews met Zembla verteld zou kunnen hebben --, maar eerder heeft hij mevr. Hirsi Ali verteld dat hij Mahad "in februari" gesproken heeft (23:25). Bovendien laat hij daar, op de vraag "Afgelopen februari?", direct op volgen: "Dat heb ik gehoord."[?]2)
Afgezien van dit soort vragen roepen de twijfels die gewekt worden aan de geestelijke gezondheid van de broer van mevr. Hirsi Ali en aan diens verklaringen in de Zembla-uitzending van 11 mei natuurlijk ook vragen op over het waarheidsgehalte van zijn verklaringen in juni omtrent de ca. 1850 geboren grootvader die de geboortenaam Ali had gedragen voordat hij de naam Magan verwierf. Zoals in de vorige post is vermeld steunt het verweer van mevr. Hirsi Ali tegen het denaturalisatievoornemen van minister Verdonk voor een groot deel op de verklaring van haar broer. Maar als ze in mei al wist dat deze geestelijk in de war was, maakt dat de vraag waarom ze niet in plaats van hem haar vader om een bevestiging van het Magan/Ali- verhaal heeft gevraagd, des te urgenter. En hoe heeft het ministerie van Buitenlandse Zaken in haar eigen zelfstandige onderzoek de verklaring van een verwarde man die door de straten van Nairobi zwierf als betrouwbaar kunnen aanmerken?
Een laatste puntje dat ik vooraf nog wil aanstippen betreft de reeks van mevr. Hirsi Ali's voorouders. In haar persverklaring van 16 mei noemt ze de volgende reeks:
"Ik ben Ayaan,
de dochter van Hirsi,
die de zoon is van Magan,
de zoon van Isse,
de zoon van Guleid,
die de zoon was van Ali,
die de zoon was van Wai’ays,
die de zoon was van Muhammad,
van Ali, van Umar,
van het geslacht Osman, de zoon van Mahamud.
Ik ben van deze clan. Mijn oervader is Darod, die achthonderd jaar geleden vanuit Arabië naar Somalië kwam en de grote stam van de Darod stichtte. Ik ben een Darod, een Macherten, een Osman Mahamud, en een Magan."
Maar in een al diverse malen eerder genoemd artikel van Jutta Chorus in de NRC heet het: "Ayaan Hirsi Magan werd op 13 november 1969 geboren in Mogadishu als tweede dochter bij de tweede vrouw van Hirsi Magan, telg uit de koninklijke Osman Mahamoud-subclan die deel uitmaakt van de Darod-clan. Voordat de Britten en de Italianen Somalië aan het einde van de 19de eeuw koloniseerden, was haar voorvader Ali Suleeman Somalische koning. Hij was krijgshaftig en krijgslustig."
We weten nu dat Magan (Ali) Isse Guleid omstreeks 1850 geboren moet zijn en een "succesvolle krijger" was. Dat zou hem tot een waarschijnlijke kandidaat voor Ali Suleeman maken, ware het niet dat zijn vader Isse en niet Suleeman heette (terwijl ook de twee andere Ali's in de stamboom vaders met een andere naam dan Suleeman hadden). Heette Isse soms ook Suleeman (net zoals Magan ook Ali heette) , of gaat het hier om een voorvader van moederskant (wat mij niet zo waarschijnlijk lijkt)? Hopelijk verschaft mevr. Hirsi Ali's autobiografie hierover en over andere vragen uitsluitsel. Het onderwerp Somalische genealogie -- ik zeg het zonder ironie -- is er interessant genoeg voor.

We gaan nu eens kijken hoe de zaak-Hirsi Ali in de media -- speciaal de buitenlandse -- is verslagen, met speciale aandacht voor onjuistheden, misverstanden, onvolledigheden, vooroordelen enz. in de berichtgeving.

Een voorbeeld

Laat ik een voorbeeld geven van wat mij voor ogen staat. De Duitstalige site van Der Spiegel (Spiegel Online) geeft op de zoekterm Hirsi niet minder dan 21 treffers, waarvan er 13 relevant zijn en kosteloos te lezen. 2 zijn inhoudsopgaven, 3 artikelen zijn niet kosteloos in te zien en 3 gaan over de kabinetscrisis en de oplossing daarvan, of over een ander onderwerp. Blijven over 13 artikelen, resp. op 15 mei, 15 mei, 16 mei, 16 mei, 17 mei, 17 mei, 18 mei, 22 mei, 27 juni, 29 juni, 30 juni, 30 juni en 3 juli 2006; een paar artikelen zijn in het Duits en in het Engels beschikbaar, met kleine tekstuele verschillen. Bij het merendeel van de 13 artikelen staat geen auteur vermeld -- hierbij gaat het om berichten die zijn samengesteld uit informatie afkomstig van persbureaus --, maar bij een vijftal is dat wel het geval: drie zijn van de hand van de journalist en schrijver Henryk M. Broder, de andere twee van twee redacteuren van Der Spiegel, Gerald Traufetter en Alwin Schröder. Deze auteurs zijn niet de minsten: Broder en Traufetter hebben in het verleden journalistieke prijzen gewonnen. Een belangrijke rol in de berichtgeving van Der Spiegel speelt verder de Nederlandse schrijver en vriend van mevr. Hirsi Ali Leon de Winter, wiens naam in 5 van de 13 artikelen opduikt en aan een interview met wie één van de artikelen gewijd is. Verder wordt in 4 van de artikelen de Volkskrant als bron genoemd, maar ook andere kranten, zoals Trouw en Het Parool worden hier en daar geciteerd (vooral koppen).
Hoe staat het nu met de berichtgeving in deze artikelen in Der Spiegel? Helaas, niet zo best. De lezer van Der Spiegel die de hele zaak vanaf 15 mei tot begin juli gevolgd heeft, zal daaraan een verward en feitelijk onvolledig beeld van de affaire hebben overgehouden. De twee voornaamste gebreken van de berichtgeving als geheel zijn het ontbreken van enige verwijzing naar het arrest van de Hoge Raad, dat zo'n grote rol speelde in de besluitvorming van minister Verdonk, en het feit dat her en der de (onwaarheden in de) asielaanvraag en (die in) het naturalisatieverzoek door elkaar worden gehaald. Hier wreekt zich het feit dat door verschillende verslaggevers over de zaak is geschreven: terwijl Moder al op 16 mei schreef dat het de onwaarheden in het naturalisatieverzoek waren geweest die tot de stap van minister Verdonk hadden geleid, schrijft Schröder nog op 30 juni dat het de leugens in de asielaanvraag waren. Een andere bron van verwarring is Leon de Winter, die in de artikelen van zowel Moder als Schröder figureert. Zijn afkeer van minister Verdonk drukt een stempel op een aanzienlijk deel van de berichtgeving van Der Spiegel over de affaire. Zo beweert hij in een artikel van Broder van 16 mei "met tranen in de ogen" dat de minister in deze zaak over "discretionaire bevoegdheid" beschikte, dus de vrijheid had mevr. Hirsi Ali haar Nederlanderschap wel of niet te laten behouden, terwijl de artikelen van prof. De Groot in Trouw en NRC Handelsblad van 13 en 15 mei dan al duidelijk hebben gemaakt dat de minister die vrijheid niet had. Verder is hij waarschijnlijk de bron voor de herhaalde karakterisering van mevr. Verdonk als voormalig gevangenisdirecteur (zij was van 1984 tot 1988 adjunct-directeur van het Huis van Bewaring in Scheveningen, maar werkte voorafgaande aan haar ministerschap bij KPMG en bij ATOS KPMG Consulting) en verkondigt in een interview dat Der Spiegel op 3 juli 2006 met hem had enige stellige meningen over de motieven van mevr. Verdonk en de makers van de Zembla-uitzending. Men vindt die ook terug in de post Een typische Verdonk-overval in zijn weblog bij het blad Elsevier. Al met al vormt de berichtgeving van Der Spiegel een onevenwichtig geheel van feiten en meningen.

Hoofdpunten
We zullen zien dat Der Spiegel lang niet het enige buitenlandse medium is waarvan de berichtgeving te wensen overlaat. Maar voordat we naar een aantal andere media gaan kijken is het nodig eerst de belangrijkste elementen in dit verhaal te identificeren die voor een goed begrip van de zaak noodzakelijk zijn. De lezer moet zich op basis van de berichtgeving een op hoofdpunten juist idee kunnen vormen waar het in deze zaak om draait. Tot die hoofdpunten reken ik:
  1. in de berichtgeving moet duidelijk worden gemaakt dat niet de onwaarheden in de asielaanvraag van 1992, maar die in het naturalisatieverzoek van 1997 de aanleiding tot de affaire vormden. Dat is een belangrijk punt omdat in de berichtgeving steeds weer opduikt dat mevr. Hirsi Ali al sinds 2002 openheid van zaken heeft gegeven over de diverse onwaarheden in haar asielverhaal. De vraag die dan natuurlijk rijst is waarom minister Verdonk en haar voorganger Nawijn niet eerder zijn opgetreden. Pas als bedacht wordt dat na de Zembla-uitzending en de daaropvolgende reacties van asiel- en naturalisatie-advocaten en -deskundigen zoals prof. De Groot bij het ministerie van Vreemdelingenzaken en Integratie het besef is doorgedrongen dat de onwaarheden in de asielaanvraag ook betekenden dat mevr. Hirsi Ali onjuiste persoonsgegevens in haar naturalisatieverzoek had opgegeven, valt te begrijpen waarom mevr. Verdonk tot een onderzoek besloot, en waarom ze dat pas op 13 mei 2006 deed, nadat ze de dag tevoren nog had aangegeven dat mevr. Hirsi Ali niet te vrezen had.
  2. het arrest van de Hoge Raad, dat de feitelijke reden vormde voor de actie van minister Verdonk, moet op de een of andere manier worden vermeld; als dat niet het geval is, zullen buitenlandse lezers denken dat onwaarheden in de asielaanvraag de asielzoeker zijn leven lang kunnen blijven achtervolgen, ook als hij of zij al genaturaliseerd is; en ze zullen zich afvragen waarom de andere onwaarheden in de asielaanvraag -- bijvoorbeeld het feit dat mevr. Hirsi Ali niet rechtstreeks uit Somalië, maar via Duitsland uit Kenia kwam -- er opeens niet meer toe doen;
  3. vermeld dient te zijn dat in het arrest van de Hoge Raad sprake is van "bijzondere omstandigheden" die een uitzondering toelaten op de regel dat iemand die identiteitsfraude heeft gepleegd, het Nederlanderschap niet heeft verkregen; het zijn deze "bijzondere omstandigheden" die al in het Kamerdebat van 16-17 mei en in twee van de ingediende moties een rol speelden en waarin men de oplossing van het probleem heeft gezocht; als dit element in de verslaggeving ontbreekt, dan zullen lezers de portee van het probleem en de oplossing daarvan niet begrijpen.
  4. als reden voor het vertrek van mevr. Hirsi Ali naar de VS moet niet het denaturalisatievoornemen van minister Verdonk, noch de uitspraak van het Gerechtshof in Den Haag over de huisvesting van mevr. Hirsi Ali zijn opgegegeven. In werkelijkheid had mevr. Hirsi Ali al eerder besloten naar de VS te vertrekken, ofwel toen ze eind december de toezegging van het American Economic Institute kreeg dat ze daar kon komen werken, of toen de heer Van Aartsen als fractievoorzitter van de VVD in de Tweede Kamer terugtrad (8 maart 2006).3) De uitspraak van het Gerechtshof en de affaire-Verdonk hebben het vertrek alleen maar bespoedigd. Ook dit is een belangrijk punt: mevr. Hirsi Ali is niet uit Nederland weggejaagd of gedeporteerd (of dreigde dat te worden), zoals het nogal eens wordt voorgesteld, en al helemaal niet om de diverse redenen die daarvoor vervolgens worden aangevoerd (te controversieel, als concessie aan het islamitische deel van de bevolking, het verleden van minister Verdonk als adjunct-directeur van een gevangenis, etc., etc.), maar omdat ze de voorkeur gaf aan een internationaal platform voor haar ideeën.
Niet essentieel, maar toch ook wel belangrijk lijkt mij enige uitleg over het Somalische naamstelsel, waarin een persoon drie voornamen heeft, de eigen geboortenaam en de voornamen van de vader en de grootvader.
Eveneens niet essentieel, maar ook niet zonder belang is dat, in weerwil van het beeld dat door sommigen wordt opgehangen, de Zembla-uitzending wel degelijk nieuws bevatte. Ik noem vier zaken: de reden waarom mevr. Hirsi Ali in Nederland asiel had aangevraagd, namelijk om aan een gedwongen huwelijk te ontvluchten, werd in het programma in twijfel getrokken, en er werd een andere reden gesuggereerd. Terecht of ten onrechte, dat mag in het midden blijven, nieuw was het wel. In de tweede plaats bleek de echtgenoot van mevr. Hirsi Ali haar in 1992 of 1993 in Nederland te hebben opgezocht en haar ongemoeid te hebben gelaten. Dat deel van het verhaal is bij mijn weten door mevr. Hirsi Ali zelf nooit eerder verteld. Dat betekent natuurlijk niet dat haar angst voor een gedwongen huwelijk niet reëel was; wel dat die angst al op z'n laatst in 1993 ongegrond was gebleken. (Ik verwijs in dit verband ook nog eens naar noot 7 van mijn eerste post over dit onderwerp.) Een pikant nieuwtje was verder dat mevr. Hirsi Ali eind oktober 2002 het VVD-bestuur expliciet van de onwaarheden in haar asielverhaal op de hoogte bleek te hebben gesteld, iets wat die partij niet belet had haar bij de Kamerverkiezingen van januari 2003 op een verkiesbare plaats te zetten. En last but not least bracht "De heilige Ayaan" voor een groot publiek expliciet een aantal zaken in verband die mevr. Hirsi Ali tot dan toe geïsoleerd, aan diverse kringen van lezers, luisteraars of kijkers, en soms impliciet, soms expliciet had voorgeschoteld.

Wikipedia
Wie de berichtgeving over de hele affaire op een bondige en betrouwbare manier samengevat wil zien, zal misschien in eerste instantie te rade willen gaan bij Wikipedia, de door vrijwilligers samengestelde internet-encyclopedie die nieuwe ontwikkelingen over actuele onderwerpen van dag tot dag volgt. Over mevr. Hirsi Ali zijn Wikipedia-artikelen in diverse talen beschikbaar, die in principe los van elkaar worden bijgehouden en zich zoveel mogelijk op bronnen in de eigen taal baseren. In deze artikelen wordt meer informatie over mevr. Hirsi Ali gegeven dan alleen betreffende haar affaire, maar bij de bespreking ervan beperk ik mij daartoe.
Eerst de Nederlandstalige versie van het Wikipedia-artikel. Dat brengt het er op de hoofdpunten redelijk vanaf. Alleen de "bijzondere omstandigheden" komen er bekaaid af. Weliswaar is er in het artikel sprake van "bijzondere regelingen", maar het voorbeeld van de naturalisatie van prinses Máxima maakt duidelijk dat de auteur van dit stukje tekst het onderscheid tussen art. 10 van de Rijkswet op het Nederlanderschap4) en de "bijzondere omstandigheden" in de conclusie van de procureur-generaal5) bij het arrest van de Hoge Raad niet heeft begrepen.
Over de reden(en) van mevr. Hirsi Ali's vertrek naar de VS laat het Nederlandstalige artikel zich niet uit. Het meldt slechts: "Op 15 mei 2006 werd bekend dat Hirsi Ali per 1 september vertrekt uit de Tweede Kamer. Ze gaat werken voor een Amerikaanse neoconservatieve denktank, het American Enterprise Institute".
In het Nederlandse Wikipedia-artikel vallen verder enkele kleinere en grotere onjuistheden op:
  • "Nederland was zich bewust van de situatie en nam, bijna standaard, iedereen op die rechtstreeks van Somalië naar Nederland kwam. Van die gelegenheid maakte Hirsi Ali, toen 23 jaar, gebruik." Mevr. Hirsi Ali, geb. 13-11-1969, kwam op 24-07-1992 in Nederland aan en was dus 22 jaar oud.
  • "Haar verzoek om politiek asiel werd binnen vijf weken gehonoreerd met een A-status..."; juister zou zijn: binnen 3 weken (29 juli - 19 augustus 1992), zoals de Engelstalige Wikipedia ook heeft.
  • "In 2006 verklaarde Hirsi Ali: 'Ja, ik ben economisch vluchteling. Ze zeggen altijd dat ik geluk heb gehad, maar ik ben zelf de grootste gelukszoeker.'" De letterlijke tekst luidde: "...als ik geconfronteerd wordt met 'Je hebt gelukzoekers', zeg ik: 'Maar ik ben de grootste gelukzoeker'."
  • "Als reden voor de overstap vermeldde Hirsi Ali dat er binnen de PvdA onvoldoende ruimte was voor kritiek op de negatieve gevolgen van migratie. In haar boek De zoontjesfabriek erkende zij dat ook de kans die zij van de VVD kreeg aangereikt om Tweede-Kamerlid te worden – en zo haar ideeën in het parlement te kunnen uitdragen – een rol heeft gespeeld. Vanaf dat moment werd Hirsi Ali met de dood bedreigd, iets wat de daaropvolgende jaren vaker gebeurde." "Vanaf dat moment" suggereert dat mevr. Hirsi Ali vanaf eind oktober 2002 (overstap naar VVD) of december van dat jaar (verschijning De zoontjesfabriek) bedreigd werd. In werkelijkheid dateren de bedreigingen al van medio september 2002, na haar optredens in de programma's van Barend en Van Dorp en "Rondom Tien".
  • "Ayaan Hirsi Ali werd in 1997 genaturaliseerd tot Nederlander. In het TV-programma Zembla van 11 mei 2006 kwam aan de orde dat haar het Nederlanderschap ontnomen zou kunnen worden, omdat ze bij haar asielaanvraag een valse naam en geboortedatum heeft opgegeven en had gelogen over haar land van herkomst." Ontneming van het Nederlanderschap is in de Zembla-uitzending niet ter sprake gekomen, dat kwam pas toen asielrechtadvocaten en prof. De Groot op 13 mei aan de bel trokken. Bovendien waren het niet de onwaarheden in de asielaanvraag, maar die in het naturalisatieverzoek -- waarover in de Zembla-uitzending niet werd gesproken -- die het Nederlanderschap in de waagschaal stelden.
  • "In het TV-programma Zembla van 11 mei 2006 kwam aan de orde dat haar het Nederlanderschap ontnomen zou kunnen worden... Minister Verdonk van Vreemdelingenzaken en Integratie besloot daags later een onderzoek in te stellen." Het besluit tot een onderzoek dateert van 13 mei, dus van twee dagen na de Zembla-uitzending.
Ik weet het, het gaat hier om details, maar juist omdat het hier een encyclopedie betreft, zou dit soort foutjes niet moeten voorkomen. Maar het Nederlandse Wikipedia-artikel lijdt daarnaast aan een ernstiger euvel. Doordat iedereen die iets van het onderwerp meent af te weten, eraan kan bijdragen en wijzigingen in de tekst kan aanbrengen ontstaat een lappendeken waarin tekstpassages niet meer met elkaar overeenstemmen. Zo staat onder het kopje Aankomst in Nederland bijvoorbeeld vermeld: "Om te voorkomen dat haar gegevens gecontroleerd zouden worden, gaf ze een ander geboortejaar op (1967 i.p.v. 1969) en veranderde ze haar naam van Ayaan Hirsi Magan in Ayaan Hirsi Ali. (Ali is de achternaam van haar moeder.) Aldus nam zij feitelijk een valse identiteit aan, die zij anno 2006 nog steeds gebruikt." In de volgende alinea volgt dan de zin: "Hirsi Ali verklaarde later dat zij haar identiteit had veranderd uit angst dat zij door haar echtgenoot of wraakzuchtige familieleden kon worden opgespoord. Op basis van latere getuigenverklaringen kan men echter betwijfelen of deze bewering juist is. Zo hebben haar naaste familieleden en anderen die haar gedurende deze periode hebben gekend, verklaard dat dit pertinent niet het geval is." Hier wordt dus eerst een verondersteld motief ("Om te voorkomen dat haar gegevens gecontroleerd zouden worden..." als feit gepresenteerd, waarna een mogelijk ander motief voor dezelfde daad ("uit angst dat zij door haar echtgenoot of wraakzuchtige familieleden kon worden opgespoord") in twijfel wordt getrokken ("kan men echter betwijfelen"). Verder staat hier dat Ali de achternaam van haar moeder is, terwijl verderop, onder het kopje Nederlanderschap, wordt vermeld: "De VVD-politica heet officieel Hirsi Magan maar had de naam van haar grootvader aangenomen." Ten slotte wordt de zin "Aldus nam zij feitelijk een valse identiteit aan, die zij anno 2006 nog steeds gebruikt" verderop ontzenuwd door de vermelding: "Naar Somalisch naamrecht is het toegestaan de naam van de grootvader als achternaam te gebruiken, en derhalve heeft Hirsi Ali in juridische zin niet gelogen over haar naam." Wie onder de tab Geschiedenis in het Wikipedia-artikel eens nagaat hoe zo'n artikel tot stand komt, zal het niet verbazen dat zulke eigenaardigheden kunnen optreden.
Het Engelstalige Wikipedia-artikel is voor een deel van de tekst gebaseerd op het Nederlandse artikel, maar bevat toch ook eigen teksten (die overigens ook gebaseerd kunnen zijn op teksten die in oudere versies van het Nederlandse artikel hebben gestaan). Het onderscheidt zich in de eerste plaats gunstig door de glasheldere manier waarop het duidelijk maakt hoe de affaire-Hirsi Ali heeft kunnen ontstaan: "On May 15, 2006, officials of the Netherlands government cast doubt on Hirsi Ali's status as a Dutch national, because she provided false information in her application for refugee status in the Netherlands. She later used the same false information when she applied for, and was granted, Dutch citizenship." Ook het arrest van de Hoge Raad wordt even genoemd, maar dan in algemene zin als "jurisprudentie" (zoals dat trouwens ook in het Nederlandstalige artikel gebeurt). In het artikel is ook wel sprake van "bijzondere omstandigheden", maar niet in verband met het arrest van de Hoge Raad. En ook hier wordt geen duidelijkheid geboden over het Somalische naamgevingsstelsel: zo heet het bijvoorbeeld: "As it turned out, her grandfather used the last name Ali until his thirties and only then switched to Megan." Ook in andere opzichten bevat het artikel onduidelijkheden: zo staat er over de Zembla-uitzending: "Hirsi Ali maintains that in 1992 her father arranged for her to marry a distant cousin living in Canada. Her family has denied this, however", wat de indruk wekt als zouden mevr. Hirsi Ali's familieleden hebben ontkend dat de vader van mevr. Hirsi Ali voor haar een huwelijk had gearrangeerd.
Ook de Engelse versie laat zich niet uit over de reden(en) van mevr. Hirsi Ali's vertrek uit Nederland. Het meldt: "On May 16, Hirsi Ali announced her resignation from parliament and confirmed her previous statement that she would move to the United States to work at the American Enterprise Institute, a pro-market economics think tank," waarbij mij niet duidelijk is op welke "previous statement" het artikel doelt.
Ook het Engelstalige artikel heeft kleine foutjes:
  • "The Dutch minister of immigration and integration, Rita Verdonk , moved to annul her citizenship, a move that was overridden by order of the Prime Minister."In werkelijkheid waren het natuurlijk twee Kamermoties die de minister tot heroverweging van haar voorgenomen besluit opriepen.
  • "During this period she began to formulate her critique on Islamic culture, which she put to words in a book De Zoontjesfabriek ("The Son Factory"). After the publication of this book, she received the first threats on her life." De zoontjesfabriek is van december 2002, de bedreigingen begonnen al medio september, zoals de Duitse Wikipedia terecht vermeldt.
  • "After some disagreements with the PvdA about the lack of security measures in november 2002, she asked Cisca Dresselhuys (the editor of the feminst magazine Opzij) for advice on her career. Dresselhuis in her turn introduced Hirsi Ali to Neelie-Smit Kroes (current VVD Euro-commisioner) and Smit-Kroes introduced her to Gerrit Zalm, the parliamentary leader of VVD. Hirsi Ali agreed to switch to the VVD and stood for election to next parliament." Hier klopt de chronologie niet: al op 31 oktober bracht het ANP het bericht van de overstap van mevr. Hirsi Ali naar de VVD.
  • "Hirsi Ali also publicly stated her real name and date of birth in a September 2002 interview published in the political magazine HP/De Tijd and in an interview in the VARA gids (2002)." Zoals ik al in de post over Wikipedia schreef (en nu ook bevestigd heb gevonden), bevatte het interview in HP/De Tijd geen expliciete vermelding van mevr. Hirsi Ali's werkelijke naam en geboortedatum. Ook in de VARA-gids staat alleen vermeld dat ze een dochter is van dr. Hirsi Magan.6) Dat is iets anders dan "stated her real name".
  • "In a first reaction Minister Rita Verdonk said she would not look into the matter, but after Member of Parliament Hilbrand Nawijn officially asked her for her position, she declared that she would investigate Hirsi Ali's naturalisation process." Zoals lezers van de vorige post hebben gezien heb ik zelf de koersverandering van de minister in verband gebracht met de interventie van met name prof. De Groot, die op zaterdagochtend 13 augustus in een artikel in Trouw op het arrest van de Hoge Raad inzake identiteitsfraude had gewezen. Hier wordt een ander verband gelegd, namelijk met vragen van de heer Nawijn. Maar de Kamervragen van de heer Nawijn kwamen pas op maandag 15 mei op het Ministerie van Justitie binnen, en het besluit van de minister de zaak toch te onderzoeken dateert van 13 mei. Weliswaar had op vrijdagochtend 12 mei al in diverse kranten en bladen gestaan dat de heer Nawijn minister Verdonk had gevraagd "haar partijgenote het Nederlanderschap te ontnemen als blijkt dat zij inderdaad heeft gelogen bij haar toelating", maar dat was vóórdat de minister diezelfde dag "na de ministerraad" nog verklaarde dat mevr. Hirsi Ali "niet te vrezen [had] voor gevolgen in verband met leugens die zij heeft verteld bij haar asielaanvraag". De door de Engelstalige Wikipedia beschreven volgorde der gebeurtenissen is dus onjuist.
  • "As it turned out, her grandfather used the last name Ali until his thirties and only then switched to Megan. The fact that this grandfather was born in 1840 complicated the investigation." (Met noot 27: " (!) he fathered Ayaans father at the age of 90".) Dat de grootvader de achternaam ("last name") Ali gebruikte is faliekant onjuist. Ali was zijn geboortenaam, de eerste van de drie voornamen die Somaliërs dragen. Het geboortejaar 1840 is een verhaal apart, dat ons een leerzaam kijkje in de keuken van Wikipedia biedt. Volgens de advocate van mevr. Hirsi Ali, Britta Böhler, was de grootvader "ergens tussen 1840 en 1850" geboren en was hij rond zijn twintigste verjaardag "blijkbaar zo succesvol geweest als krijger” dat hij de naam Magan (de overwinnaar, de beschermer) mocht gaan dragen. Volgens de Brief minister Verdonk over naturalisatie mevrouw Ayaan Hirsi Ali (Kamerstuk TK, Vergaderjaar 2005-2006, 30559, nr. 6) had de broer van mevr. Hirsi Ali verklaard dat de grootvader "vanaf ± 1870 tot aan zijn dood in 1945 de naam Magan heeft gevoerd". Als we die twee gegevens met elkaar combineren, moet het geboortejaar van de grootvader ± 1850 zijn geweest. Verder meldt mevr. Böhler dat "de grootvader van Ayaan [...] op zijn 90ste verjaardag nog een zoon, de vader van Ayaan, Hirsi, [verwekt]". (De precieze datering van de conceptie laat ik maar voor rekening van de verslaggever van NRC Handelsblad. -- MH). Daaruit volgt dat de vader van mevr. Hirsi Ali, Hirsi Magan Isse, in of omstreeks 1940 geboren moet zijn. Tot 29 juni van dit jaar klopte die rekensom met de opgave van Wikipedia in het artikel over Hirsi Magan Isse zelf (1940), maar inmiddels heeft een van de auteurs van dat artikel het geboortejaar van Hirsi Magan Isse veranderd in 1935, omdat het geboortejaar van de grootvader op ca. 1845 is gesteld. Het illustreert hoe weinig houvast zulke gegevens in Wikipedia eigenlijk bieden.7)
Er staan meer van dit soort onjuiste details in het Wikipedia-artikel, maar erger is dat we in dit artikel een probleem tegenkomen dat inherent lijkt aan de opzet van Wikipedia: het is "vandalized" door iemand die er met opzet een onwaarheid aan heeft toegevoegd. Dat zijn de woorden "and about Islam" in de zin "Hirsi Ali admitted that she had lied about her full name, her date of birth, the manner in which she came to the Netherlands, and about Islam." De woorden staan er sinds 1 juli in, en zijn blijkens een van de gearchiveerde versies van die dag is de wijziging aangebracht door iemand die zich Robin Hood 1212 noemt. Het bedrog is dus ruim een maand lang onopgemerkt gebleven. Misschien van dezelfde orde is misschien de verandering van de naam van de Haagse imam Scheich Fawaz (Nederlandse artikel) tegen wie mevr. Hirsi Ali in november 2005 een aanklacht jegens bedreiging indiende, in Sachemic FAA (Engelse artikel).
Evenals in het Nederlandstalige Wikipedia-artikel wordt het arrest van de Hoge Raad over identiteitsfraude in algemene zin als "jurisprudentie" vermeld. Maar de rol die dit arrest, en de bijzondere omstandigheden als uitzondering in de hele zaak speelden, blijft onderbelicht.
In het Duitstalige Wikipedia-artikel over mevr. Hirsi Ali wordt geen duidelijk onderscheid gemaakt tussen de onwaarheden in de asielaanvraag en die in het naturalisatieverzoek. Zo ontstaat de indruk dat het de onwaarheden in de asielaanvraag zijn geweest die tot de "Ausbürgerung" hebben geleid. Ook ontbreekt elke verwijzing naar het arrest van de Hoge Raad. In plaats daarvan worden minister Verdonk politieke en persoonlijke motieven -- met name de strijd om het lijsttrekkerschap van de VVD -- toegeschreven om mevr. Hirsi Ali haar Nederlanderschap te ontnemen.8) Ook wordt de moeder van Theo van Gogh geciteerd, die achter de Zembla-uitzending een complot van de Partij van de Arbeid vermoedde, die via mevr. Hirsi Ali minister Verdonk in de problemen zou hebben willen brengen. Van "bijzondere omstandigheden" in de zin van het arrest van de Hoge Raad is vanzelfsprekend ook geen sprake, en het blijft onduidelijk waarom Ayaan Hirsi Magan zich ook Ayaan Hirsi Ali mocht noemen.9)
Wel correct is de weergave van het artikel over het vertrek van mevr. Hirsi Ali naar de VS: "Ursprünglich wollte Hirsi Ali erst 2007 in die USA gehen, um dort für die neokonservative Denkfabrik „American Enterprise Institute“ in Washington (D.C.) zu arbeiten. Doch eine erfolgreiche Gerichtsklage im April 2006 von den Nachbarn ihrer Wohnung in Den Haag, die sich wegen ihres Personenschutzes gestört sahen und den Verfall der Immobilienpreise beklagten, beschleunigte ihren Entschluss zum Ortswechsel."
Ook het Duitse Wikipedia-artikel is gedeeltelijk op de tekst van het Nederlandstalige artikel gebaseerd. En ook deze versie bevat enkele eigen onjuistheden op detailpunten:
  • Over de Zembla-uitzending: "Ihr Motiv der Furcht vor innerfamiliären Nachstellungen wurde nicht erwähnt." Dat is niet juist: de documentaire trok dat motief in twijfel.
  • "Anfänglich erhielt Verdonk noch von ihren Parteifreunden Beifall für ihre Ausbürgerungsforderung, doch geriet sie in weniger als einer Woche innerhalb wie außerhalb ihrer Partei unter starken Druck und in die Isolation." Dit is onjuist, op 15 mei liet minister Verdonk mevr. Hirsi Ali weten dat ze geacht werd het Nederlanderschap niet te hebben verkregen, en tijdens het spoeddebat van 16 mei riep de motie van haar partijgenoot Van Beek haar op die constatering te herzien.
  • (Over de verklaring van mevr. Hirsi Ali van 27 juni waarin zij bekende minister Verdonk "op het verkeerde been" te hebben gezet:) "Mit dieser schriftlichen Erklärung übernahm Hirsi Ali die alleinige Verantwortung für ihre Falschaussagen beim Asylverfahren und für die negativen Folgen, die sich daraus gegen sie ergeben hatten." Ook dit klopt niet. Het gaat in de verklaring niet over de onwaarheden in de asielaanvraag, maar over de mededeling in de Zembla-uitzending dat ze over haar naam gelogen had.
Ten slotte het Franstalige Wikipedia-artikel. Hier is op de hoofdpunten alles fout gegaan wat er fout kon gaan. Volgens dit artikel zouden de in de Zembla-uitzending gesignaleerde onwaarheden in het asielverhaal tot verlies van haar Nederlanderschap en haar uitzetting hebben geleid als de meerderheid van de Tweede Kamer, mevr. Neelie Kroes, minister Zalm en premier Balkenende minister Verdonk niet gedwongen hadden rechtsomkeert te maken.10) Ondanks deze steun had ze haar Kamerlidmaatschap opgegeven en, mede vanwege de uitspraak van het Haagse Gerechtshof over haar huisvesting, besloten naar de VS uit te wijken. Op 27 juni had minister Verdonk besloten dat mevr. Hirsi Ali toch Nederlandse kon blijven omdat een Somalische wet stelt dat iemand de naam van haar grootvader mag dragen in plaats van die van haar vader.11)
Nog afgezien van detailfouten die ik hier maar onbesproken laat haalt dit Franstalige artikel ook overigens het een en ander door elkaar. Zo doen de auteurs het voorkomen alsof de moord op Theo van Gogh (november 2004) voorafging aan de verschijning van het boek De zoontjesfabriek (december 2002).12)

Ik ben begonnen met de neerslag van de affaire in diverse Wikipedia-artikelen te bespreken, omdat veel geïnteresseerden die zich snel een beeld van de zaak willen vormen, daar zullen beginnen. Een voordeel is in elk geval dat een Wikipedia-artikel over een zaak als deze een overzicht van begin tot eind geeft, en niet, zoals krantenartikelen, de ontwikkelingen stukje bij beetje. Maar zoals we hebben gezien, kleven er aan de berichtgeving in deze encyclopedie ook nogal wat gebreken. De oorzaken daarvan zijn niet moeilijk te benoemen, maar interessanter dan daarop in te gaan lijkt mij de vraag of die gebreken, geheel of ten dele, kenmerkend zijn voor Wikipedia, of dat ook andere media eraan lijden. Per slot van rekening geeft Wikipedia behalve de tekst van het artikel in veel gevallen ook nog een hele reeks van verwijzingen: bij het Engelstalige artikel over mevr. Hirsi Ali zijn dat noten (references), externe links naar aan het onderwerp gewijde sites, interviews en diverse soorten artikelen. Bij de noten is vaak na te gaan of de in het Wikipedia-artikel opgenomen tekst een correcte weergave van de bron is; maar wat de overige tekst van het artikel betreft zijn er allerlei mogelijkheden, variërend van de al dan niet correcte weergave van een niet nader genoemde bron via de al dan niet correcte weergave van een wel genoemde maar niet specifiek in een noot aangeduide bron tot een verzinsel of een geval van vandalisme. En dan kan het natuurlijk ook voorkomen dat een bron correct wordt weergegeven, maar dat de bron zelf gebrekkig is.

Over de affaire-Hirsi Ali-Verdonk is wereldwijd heel wat afgeschreven. Ik heb niet de moeite genomen per land uit te zoeken hoeveel dat is, maar hier volgen de cijfers op 9 augustus voor de tien regio's waarin de zoekmachine Yahoo! de wereld verdeelt:

Yahoo: "Hirsi Ali" Verdonk region:africa 21 treffers
Yahoo: "Hirsi Ali" Verdonk region:asia 48 treffers
Yahoo: "Hirsi Ali" Verdonk region:centralamerica 0 treffers
Yahoo: "Hirsi Ali" Verdonk region:europe 234.000 treffers
Yahoo: "Hirsi Ali" Verdonk region:europe -site:nl 3170 treffers
Yahoo: "Hirsi Ali" Verdonk region:mediterranean 3 treffers
Yahoo: "Hirsi Ali" Verdonk region:mideast 9 treffers
Yahoo: "Hirsi Ali" Verdonk region:northamerica 27.800 treffers
Yahoo: "Hirsi Ali" Verdonk region:downunder 105 treffers
Yahoo: "Hirsi Ali" Verdonk region:southamerica 53 treffers
Yahoo: "Hirsi Ali" Verdonk region:southeastasia 22 treffers

Het is natuurlijk ondoenlijk na te gaan wat ook maar in een fractie van deze treffers geschreven staat, maar gelukkig zijn er diverse selectiemiddelen waarmee we de keuze op een verantwoorde manier kunnen beperken. Ik begin daarom maar eens met diverse persbureaus, omdat deze een van de bronnen zijn waaruit veel andere nieuwsmedia putten.

Persbureaus
Een van de "news agencies" die Wikipedia opsomt, is de BBC, en omdat de informatie daar (veelal) gratis openbaar beschikbaar is én natuurlijk ook omdat de BBC een goede naam heeft, begin ik daar. En dan wacht ons direct een onaangename verrassing: hoewel de interne zoekmachine van de BBC op de phrase "Hirsi Ali" 8 treffers vanaf 16 mei geeft -- 16 mei, 16 mei, 16 mei, 17 mei, 17 mei, 5 juni, 27 juni en 29 juni --, valt de berichtgeving over de affaire in haar geheel op de hierboven genoemde hoofdpunten bitter tegen. Volgens de BBC had minister Verdonk gedreigd de ex-politica Ayaan Hirsi Ali haar paspoort te ontnemen vanwege onware informatie die zij in 1992 verstrekt had;13) het arrest van de Hoge Raad komt in het geheel niet ter sprake en de bijzondere omstandigheden die daarin worden genoemd vinden we hier in de gedaante van "special procedures" om de asielaanvraag te heroverwegen, waarom de Tweede Kamer de minister in het debat van 16 mei bij motie zou hebben gevraagd.14) Het verschil tussen asiel- en naturalisatieprocedure is de verslaggevers van de BBC dus geheel ontgaan, terwijl dat onderscheid in Groot-Brittannië net zo goed bestaat als in Nederland.
Wat de reden van mevr. Hirsi Ali's vertrek naar de VS betreft, wordt in elk geval de suggestie gewekt dat dat de naturalisatiekwestie is,15) ook al wordt de zaak van de huisvesting van mevr. Hirsi Ali in het voorbijgaan genoemd.16) Een ernstige blunder is ook de suggestie als zou het verlies van het Nederlanderschap ook hebben betekend dat mevr. Hirsi Ali Nederland uit gezet zou worden.17)
Kortom, wie de affaire alleen via de BBC gevolgd zou hebben zou de indruk hebben gekregen dat Nederland een land is waar je als genaturaliseerde Nederlander je paspoort kunt verliezen en het land worden uitgezet omdat je veertien jaar geleden bij je asielaanvraag over je naam, geboortedatum en land van herkomst hebt gelogen; maar dat je als je Kamerlid bent en je collega's komen voor je op, die dans ontspringt omdat gebleken is dat je als Somalische de naam van je grootvader mocht dragen.18) Misschien niet zover bezijden de waarheid waar het de praktijk van andere gevallen dan dat van mevr. Hirsi Ali betreft, maar toch niet wat ik van de BBC verwacht zou hebben.
Het grootste persbureau ter wereld is het Amerikaanse Associated Press. De interne zoekmachine van dit persbureau geeft in totaal 16 treffers op de phrase "Hirsi Ali" over de periode 15 mei - 30 juni 2006. Enkele daarvan zijn dubbel, maar na aftrek van de doublures blijven er 11 over. Anders dan bij de BBC zijn die niet gratis in hun geheel te bekijken, maar er is wel een gratis Preview van een abstract, en via een phrase daaruit zijn de complete artikelen, die immers door kranten over de hele wereld worden overgenomen, te vinden. Bij de 11 artikelen die ik bekeken heb -- van 15 mei, 16 mei, 16 mei, 16 mei, 18 mei, 29 mei, 31 mei, 27 juni, 30 juni, 1 juli, 1 juli, -- zitten er van CBS News, The Washington Post, CBC News, The San Diego Union-Tribune, The Herald Sun en zelfs The St Petersburg Times.
Anders dan bij het merendeel van de BBC-artikelen zijn die van Associated Press allemaal voorzien van een auteursnaam. Op twee na zijn alle hier vermelde artikelen van Toby Sterling, daarnaast hebben ook Mike Corder en Arthur Max elk een artikel voor hun rekening genomen. Alle drie zijn in Nederland gestationeerd, de eerste twee in resp. Amsterdam en Den Haag. De kwaliteit van de berichtgeving over de zaak-Hirsi Ali is op de hoofdpunten niet optimaal, zij het beter dan van de BBC. Hoewel meermalen de indruk wordt gewekt dat het de onwaarheden in de asielaanvraag van 1992 waren die tot de actie van minister Verdonk leidden,19) wordt het arrest van de Hoge Raad wel genoemd,20) waarbij wordt vermeld dat een valse naam automatisch tot ongeldigheid van het paspoort leidt. Nadat de identiteitsfraude -- die ook een valse geboortedatum en nog andere een persoon identificerende gegevens kan omvatten -- zo tot de naam is gereduceerd, wordt de uitweg ("loophole") die mevr. Verdonk zou hebben gevonden beschreven als de vondst dat mevr. Hirsi Ali de naam Ali legaal mocht voeren omdat het de achternaam [sic] van haar grootvader was; waar ze de naam Magan vandaan had, wordt niet vermeld.21) Door deze sterk vereenvoudigde presentatie van het probleem van de naam heeft de verslaggever het punt van de "bijzondere omstandigheden" in het arrest van de Hoge Raad in de berichtgeving achterwege kunnen laten.
Als reden voor haar vertrek wordt ten slotte de denaturalisatie genoemd, maar in een vorm waardoor het vertekende beeld dat daardoor ontstaat het persbureau niet te verwijten is: mevr. Hirsi Ali zelf wordt namelijk aangehaald, die in haar Engelstalige persverklaring op één punt de indruk wekte dat de kwestie van het Nederlanderschap de reden voor haar vertrek was.22)
Ook op detailpunten gaat de berichtgeving van Associated Press de fout in, of is slordig in formuleringen. Zo zou mevr. Hirsi Ali de onwaarheden in haar asielverhaal "in het openbaar" hebben erkend toen ze door de VVD als Kamerlid op de kandidatenlijst werd gezet, terwijl dat in werkelijkheid alleen tegenover het hoofdbestuur van die partij was;23) ze zou de verre neef uit Canada aan wie ze was uitgehuwelijkt nooit ontmoet hebben;24) en minister Verdonk zou 26.000 illegale immigranten gedeporteerd hebben.25) De veronderstelling dat de strijd om het lijsttrekkerschap van de VVD een rol in de voortvarendheid van de minister heeft gespeeld,26) wordt ook genoemd, terwijl dat niet meer dan een vermoeden is.
Ook de persberichten van het Franse persbureau Agence France-Presse (AFP) en de Duitse Deutsche Presse-Agentur (DPA) zijn niet gratis te bekijken, maar ze zijn in elk geval wel te vinden in een database met de titel Pressedd, die ook nog berichten van andere persbureaus en andere nieuwsbronnen bevat. Een zoekactie naar de termen Hirsi Ali Verdonk voor de periode 15-05-06 tot 01-07-06 in deze database levert maar liefst 141 treffers op, waarvan een deel van de twee genoemde persbureaus afkomstig is. Daarbij worden de titel en, wat de AFP-berichten betreft, veelal ook de auteur van het bericht genoemd. Op titel zijn de berichten vaak niet met Google te vinden, maar de auteursnamen bieden in elk geval toegang tot een hopelijk representatieve verzameling van AFP-artikelen. De namen zijn: Frederic (Frédéric) Bichon, Alix Rijckaert, Stephanie van den Berg, Isabel Malsang, Jocelyne Zablit en Gerald de Hemptinne. Van hen zijn Bichon, Rijckaert, Van den Berg en de Hemptinne lid van de Buitenlandse Persvereniging Nederland. Jocelyne Zablit en Isabel Malsang doen verslag vanuit de VS.
De combinatie "Hirsi Ali" en Verdonk met steeds een van deze namen levert bij Yahoo! in totaal 29 treffers op (9 meer dan bij Google). Als je daar de dubbele uithaalt en je voegt er de treffers van Google die Yahoo! niet heeft aan toe, kom je op 10 artikelen van deze auteurs, resp. van 16 mei (Stephanie van den Berg), 16 mei (Stephanie van den Berg), 16 mei (Stephanie van den Berg), 16 mei (Stephanie van den Berg), 16 mei (Gerald de Hemptinne), 17 mei (Alix Rijckaert), 18 mei (Jocelyne Zablit), 29 juni (Stephanie van den Berg), 30 juni (Frédéric Bichon) en 7 juli (Stephanie van den Berg).
Het zal u zijn opgevallen dat op 16 mei niet minder dan 4 artikelen van Stephanie van den Berg vermeld staan. Dat zijn er twee in de Franse en twee in de Engelse taal, maar ook tussen de versies in dezelfde taal bestaan kleine verschillen. Zo noemen de beide Engelse versies en één van de Franstalige versies het arrest van de Hoge Raad over identiteitsfraude,27) terwijl de andere Franstalige versie dat niet doet. Wat de overige hoofdpunten betreft, is de berichtgeving van Stephanie van den Berg over het verschil tussen de onwaarheden in de asielaanvraag en die in het naturalisatieverzoek nogal ambivalent. Zo meldt ze op 16 mei: "Au coeur d’une polémique pour avoir menti lorsqu’elle a demandé l’asile politique et la citoyenneté aux Pays-Bas dans les années 1990, la députée pourrait être privée de sa nationalité néerlandaise, a déclaré lundi soir la ministre de l’Immigration Rita Verdonk," wat de indruk wekt dat de auteur (terecht) twee procedures voor ogen heeft. Maar op 7 juli schrijft ze: "Immigration minister Rita Verdonk initially insisted that Hirsi Ali hand in her Dutch passport because she had lied about her name and birthdate on her asylum application." In gelijke zin schrijven Gerald de Hemptinne en Frédéric Bichon. Hoewel het arrest van de Hoge Raad dus door Stephanie van den Berg wel genoemd wordt, komen de "bijzondere omstandigheden" daarin niet ter sprake, en komt de lezer dus ook niet te weten dat de advocaat van mevr. Hirsi Ali precies van een van die bijzondere omstandigheden gebruik heeft gemaakt om haar haar Nederlanderschap te doen behouden. Over dat stadium in de affaire schrijft de AFP-verslaggeefster: "Verdonk used complicated legal reasoning to justify her turnaround, concluding that Hirsi Ali actually lied about lying about her name because she could legally use the name Ali under Somali law."
Wat de reden betreft die mevr. Hirsi Ali tot haar vertrek naar de VS heeft doen besluiten, is de berichtgeving van Agence France-Press correct. Zo schrijft Stephanie van den Berg op 16 mei: "In interviews, Hirsi Ali has said that part of the reason for her move to the United States, planned before the controversy arose, was mainly due to the fact she was being forced out of her flat in The Hague." Dat mevr. Hirsi Ali eigenlijk al eerder plannen had om naar de VS te vertrekken weten we dank zij de heer Van Aartsen (en sinds de documentaire "De gelukzoeker" van Twan Huys), voor zover ik weet niet met zoveel woorden uit verklaringen van haarzelf.
Ook de AFP-berichtgeving lijdt aan kleine tekortkomingen. Ik noem er enkele:
  • 16-05-2006 (Stephanie van den Berg): "Verdonk said that because she had given false information, her applications for political asylum and Dutch citizenship were invalid." "...for political asylum..." kan niet juist zijn.
  • 16-05-2006 (Gerald de Hemptinne): "Issue d'une famille musulmane orthodoxe, elle subit une excision. En 1992, elle fuit le cousin qu'elle a été forcée d'épouser, alors que le couple, en route vers le Canada, fait escale en Allemagne."
Ook onjuist is de mededeling in een artikel van Stephanie van den Berg van 16 mei, waar ze mevr. Hirsi Ali citeert: "'I am astonished about how fast it all went. Within 48 hours my citizenship is revoked over matters that were public knowledge three and a half years ago,' she said." Eind 2002 waren alleen de IND, de AIVD, minister Remkes, en misschien ook het VVD-hoofdbestuur (met name de heer Eenhoorn)28) van de onwaarheden over de naam en geboortedatum van mevr. Hirsi Ali in haar naturalisatieverzoek op de hoogte, publiek bekend waren die dus niet. Dat mevr. Hirsi Ali in haar asielaanvraag een onjuiste naam en geboortedatum had opgegeven, vertelde ze -- voor zover ik heb kunnen vinden -- pas in augustus 2004, resp. april 2005 expliciet in de krant.
Tot slot van de persbureaus de berichtgeving van de Deutsche Presse Agentur (dpa). De correspondent van dit persbureau in Nederland is Thomas P. Spieker, van wie ik twee artikelen heb kunnen vinden, beide van 16 mei, maar uit verschillende media: het blad Stern en de Wiesbadener Kurier. Beide geven een tamelijk globaal beeld van de affaire in dat vroege stadium: in de Wiesbadener Kurier wordt wel mevr. Hirsi Ali's vertrek naar de VS gemeld, met daarbij de correcte redenen,29) maar de denaturalisatie nog niet. Wel wordt de aankondiging van een onderzoek door minister Verdonk nog vermeld, en wordt deze in verband gebracht met haar ambitie om VVD-lijsttrekker te worden. Het bericht in Stern dateert van na de persconferentie van mevr. Hirsi Ali en hier wordt de denaturalisatie wel gemeld. Een verband met het arrest van de Hoge Raad wordt echter niet gelegd, en ook hier wordt de actie van minister Verdonk in verband gebracht met haar beweerde ambitie de volgende premier van Nederland te worden. Te waarderen valt dat in dit artikel de bewering dat de onwaarheden in het asielverhaal al lang publiek bekend waren niet als feit maar als bewering wordt gepresenteerd. Ook het artikel in de Wiesbadener Kurier had wat dit punt betreft een correcte weergave: "Durch eine Fernsehdokumentation wurde erstmals landesweit bekannt, daß sie gelogen hatte, um vor 14 Jahren in den Niederlanden politisches Asyl zu erlangen. [...] Das alles wird von ihr nicht bestritten und ist auch nicht völlig neu. "
Naast de artikelen van Thomas Spieker zijn op Web nog heel wat andere krantenberichten te vinden waar dpa boven of onder staat, maar een probleem daarbij is vaak dat daarbij ook andere persbureaus worden vermeld. In hoeverre de berichtgeving in deze gevallen van dpa afkomstig is, valt niet te zeggen. Bij de paar berichten die ik vond met alleen de vermelding van dpa waren er geen van na 16 mei. Een artikel van 15 mei bespreek ik verderop bij de berichtgeving van de Frankfurter Allgemeine Zeitung.

Kranten en bladen
Naast de berichten van persbureaus plaatsen veel kranten ook artikelen van eigen verslaggevers en correspondenten; we zagen dat al bij Der Spiegel. Bovendien verschijnen daarin redactionele commentaren, waarin, veelal op basis van de eigen berichtgeving, het nieuws van kanttekeningen van de redactie van de krant wordt voorzien. In theorie zijn berichtgeving -- feiten -- en commentaar -- meningen -- gescheiden, maar in de praktijk is dat veelal niet zo (en kan dat ook niet zijn). Feiten staan nooit op zichzelf, kunnen nooit volledig worden gepresenteerd en moeten vrijwel altijd in een verband worden geplaatst waarin beweegredenen een rol spelen. Anderzijds kunnen ook redactionele commentaren en, niet te vergeten, ingezonden brieven, een meer of minder feitelijk karakter hebben. Voor wie zich een goed beeld van de feiten in een zaak, en de mogelijke verbanden daartussen en de beweegredenen van betrokkenen, wil vormen zijn vaak ook de discussies tussen verslaggevers of redactie en lezers en tussen lezers onderling een onmisbare bron van informatie.
Om een idee te krijgen hoe de zaak-Hirsi Ali in dit circuit is aangekomen kijken we nu naar de berichtgeving en het commentaar en de lezersbrieven in vier gezaghebbende buitenlandse kranten: de New York Times (NYT), de Britse Financial Times (FT), de Frankfurter Allgemeine Zeitung (FAZ) en de Franse Le Monde.

New York Times (NYT)
Nieuws over Nederland voor de NYT wordt verzorgd door Marlise Simons in Parijs en Gregory Crouch in Nijmegen. De eerste berichtte over de zaak-Hirsi Ali op 16 mei, 18 mei, 24 mei en 28 juni; de tweede op 30 juni. Daarnaast had de NYT op 1 juli nog een bericht van Associated Press, wijdde de krant op 19 mei een redactioneel commentaar aan de zaak en plaatste op diezelfde dag een ingezonden brief van Ian Buruma.
Het bericht in de NYT van 16 mei is grotendeels gebaseerd op een interview van mevr. Hirsi Ali met Marlise Simons, kort nadat minister Verdonk haar telefonisch had meegedeeld dat haar Nederlanderschap in het geding was. Het verschaft uit de eerste hand duidelijkheid over een van de hoofdpunten van de zaak, nl. dat die mededeling niet de reden was voor het vertrek van mevr. Hirsi Ali naar de VS.30) Voor het overige moet dit deel worden gelezen als de reactie van iemand die zojuist een schokkende boodschap heeft ontvangen. Wel bevat het artikel een onjuistheid over de consequenties van die boodschap voor de asielstatus van mevr. Hirsi Ali.31)
Het artikel van 18 mei maakt melding van de beschuldigingen aan het adres van mevrouw Verdonk dat ze politiek voordeel uit de affaire probeerde te trekken, maar het vermeldt ook het beroep van de minister op het arrest van de Hoge Raad. Dit wordt echter in één adem genoemd met de zaak-Pasic, en bijzonderheden over het arrest -- zoals het feit dat het over onwaarheden in een naturalisatieverzoek gaat -- ontbreken. Over de bijzondere omstandigheden waaraan de Kamer in zijn beide moties zoveel gewicht toekende, wordt niet gesproken.
Dan verschijnen op 19 mei een redactioneel commentaar en een ingezonden brief van Ian Buruma. Het commentaar is kort maar krachtig. Onder de kop "A victory for intolerance" wordt beweerd dat "the real point, of course, is that Hirsi Ali has become too potent a social critic to be tolerated any longer". Elke nadere toelichting op deze stelling ontbreekt, en de schrijver van het commentaar gaat geheel voorbij aan een opmerking van Marlise Simons in haar artikel van 18 mei dat "People who know the immigration minister and Ms. Hirsi Ali say the confrontation between them is puzzling because they have been close political allies and hold similar views, with each saying that Muslims should integrate into life in the Netherlands or leave." Enig inzicht in de affaire zal dit commentaar de lezers van de NYT niet verschaft hebben.
Dit gebrek aan inzicht zal in een gevoel van verwarring zijn omgeslagen bij die lezers die op dezelfde dag kennis namen van de ingezonden brief van Ian Buruma, hoogleraar aan Bard College in Annandale on Hudson, NY en -- samen met Avishai Margalit -- schrijver van het boek "Occidentalism, the West in the eyes of its enemies". In deze brief, onder de titel "Hard Luck for a Hard-Liner", wijst Buruma erop dat mevr. Verdonk en mevr. Hirsi Ali politieke bondgenoten zijn en spreekt tegen dat de affaire-Hirsi Ali iets te maken heeft met haar politieke opvattingen: "But the whole affair actually has nothing to do with Ms. Hirsi Ali's convictions." In enkele zinnen schetst Buruma hoe mevr. Hirsi Ali met haar bezwaren tegen de islam in het Nederland van na Fortuyn en na 9/11 tot bloei kon komen en hoe mevr. Verdonk, als een "particularly extreme and unimaginative exponent of this new mood" in diezelfde stroming werd meegevoerd. Minister Verdonks optreden ziet Buruma, mijns inziens terecht, als een uitvloeisel van haar beslissingen in eerdere, soortgelijke zaken. De minister meende eenvoudigweg geen keus te hebben.32)
Ian Buruma's brief behandelt niet de hele affaire. Hij maakt geen onderscheid tussen de onwaarheden in de asielaanvraag en die in het naturalisatieverzoek en maakt ook geen melding van het arrest van de Hoge Raad. Maar voor het deel van de zaak waarover hij zijn mening geeft,33) draagt zijn brief -- enkele kleine onjuistheden daargelaten -- meer tot begrip van het ontstaan van de affaire bij dan welke andere buitenlandse publicatie ook die tot dusver de revue is gepasseerd.
Daartoe behoren zeker ook de artikelen van Marlise Simons van 24 mei en 28 juni. Deze verslaggeefster heeft een directe lijn naar mevr. Hirsi Ali: op 15 mei belde deze haar op om haar over het telefoongesprek met minister Verdonk te vertellen, en nu is het via Marlise Simons dat mevr. Hirsi Ali brieven van haar vader en haar zuster in de openbaarheid brengt waaruit moet blijken dat zij -- anders dan in de Zembla-uitzending was gesuggereerd -- in 1992 inderdaad door haar familie gezocht was nadat ze naar Nederland was uitgeweken. Het artikel van 24 mei schetst de rol van mevr. Hirsi Ali in het Nederlandse debat over de islam en de reacties in Nederland op die rol, maar biedt weinig feitelijk houvast wat de kwestie-Verdonk-Hirsi Ali zelf betreft. In het bijzonder geeft het geen verklaring voor de handelwijze van mevr. Verdonk, en de verklaring die daarvoor in het artikel van 28 mei (niet op het Web, geraadpleegd via Lexis-Nexis) wel wordt gegeven -- de strijd om het lijsttrekkerschap van de VVD34) -- schiet tekort omdat het arrest van de Hoge Raad niet meer ter sprake komt.
Ten slotte legt ook Gregory Crouch in zijn artikel van 30 juni over de val van het kabinet Balkenende-II een verband tussen de strijd om het lijstrekkerschap binnen de VVD en de zaak-Verdonk-Hirsi-Ali. Het artikel wekt de indruk dat het de onwaarheden in de asielaanvraag waren die tot het denaturalisatievoornemen van minister Verdonk hadden geleid, maar het vermeldt wel correct dat mevr. Hirsi Ali al eerder van plan was naar de VS te vertrekken.

Financial Times (FT)
Een Europese krant die uitgebreid aandacht aan de affaire heeft geschonken is de Financial Times. Tussen 16 mei en 1 juli verschenen in deze krant maar liefst 15 publicaties over de zaak: 6 artikelen van de vaste correspondent in Nederland Ian Bickerton, 4 ingezonden brieven en 5 overige artikelen van onder anderen Christopher Caldwell (die in april 2005 onder de titel Daughter of the Enlightenment in The New York Times een veel geciteerd interview met mevr. Hirsi Ali publiceerde), Sarah Laitner (voor de Aziatische editie) en Quentin Peel.
In de berichtgeving van Ian Bickerton worden op één uitzondering na de onwaarheden in de asielaanvraag consequent als reden voor het denaturalisatievoornemen van minister Verdonk genoemd.35) Die uitzondering is de zin "Her [Mevr. Hirsi Ali's] decision [om Nederland te verlaten] comes as she faces investigation into the circumstances under which she applied for naturalisation in 1997, after admitting that she lied in her asylum application" in een kort bericht van 16 mei. Verder is zijn berichtgeving over de affaire tamelijk algemeen van karakter: het arrest van de Hoge Raad en de daarin genoemde "bijzondere omstandigheden" die het ex-Kamerlid en de minister uiteindelijk een uitweg uit de affaire boden, worden niet vermeld, en over de uitkomst van de zaak meldt Bickerton alleen dat mevr. Hirsi Ali volgens Somalisch recht de naam Ali mocht voeren omdat het de naam van haar grootvader was.36) Elke uitleg over de samenstelling van Somalische namen ontbreekt. Daarentegen wordt terecht vermeld dat mevr. Hirsi Ali ook al vóór de affaire-Verdonk plannen had om naar de VS te gaan.37)
Van de overige artikelen wekt dat van de Brusselse correspondent Sarah Laitner voor de Aziatische editie van de Financial Times van 18 mei de indruk dat mevr. Hirsi Ali haar Nederlanderschap is ontnomen vanwege de onwaarheden in haar asielverhaal, en dat ze daarom heeft besloten naar de VS te emigreren om bij het American Enterprise Institute te gaan werken.38) Het interessantst is echter Christopher Caldwells analyse in de rubriek Comment van de Londense editie van 20 mei. Na de onthullingen van de Zembla-uitzending te hebben afgedaan als oude koek van een linkse, niet-neutrale omroep uit het midden van de vorige eeuw wijst Caldwell op de bittere ironie dat mevr. Hirsi Ali het slachtoffer dreigt te worden van onlangs in Nederland ingevoerde wetten die het land moeten beschermen tegen radicalen wier ondubbelzinnige topprioriteit is mevr. Hirsi Ali zelf te vermoorden.39) In het vervolg van zijn commentaar breekt Caldwell de staf over mevr. Verdonk, die hij "
an aggressive literal-mindedness and lack of imagination" verwijt, de Nederlandse bevolking in het algemeen, die mevr. Hirsi Ali als "anti-moslim" afschildert en voor een aanzienlijk deel achter het optreden van de minister bleek te staan, en in het bijzonder de buren van mevr. Hirsi Ali en de Nederlandse staat, die haar behalve statenloos ook dakloos hebben gemaakt, en de tegen immigratie gerichte wetgeving in Nederland en Europa.
Net als het hierboven besproken redactionele artikel in de New York Times zaagt Caldwells commentaar van dik hout planken, maar onthoudt de kritische lezer de mogelijkheid zich zelf een oordeel over de zaak te vormen. Vragen die na lezing van dit commentaar bij die lezer zullen blijven bestaan zijn of mevr. Hirsi Ali, van wie Caldwell wel vermeldt dat ze een "long-time political ally" van mevr. Verdonk is, niet mede verantwoordelijk is voor de xenofobe wetgeving waarvan ze het slachtoffer dreigde te worden -- een punt dat wel door Ian Buruma in zijn brief onder de kop "Hard Luck for a Hard-Liner" aan de New York Times werd aangestipt; en of de uitzending van de niet-neutrale, linkse omroep die de zaak aan het rollen bracht mogelijk niet het al lang voldongen feit dat zij in 1992 in Nederland asiel had gekregen aan de kaak wilde stellen, maar dat zij als volksvertegenwoordigster een beleid ondersteunde dat mensen zoals zij met minder geluk alsnog het land uit wilde zetten. Daarbij bevat het commentaar enkele storende feitelijke onjuistheden: mevr. Hirsi Ali zou door Nederland statenloos en dakloos zijn gemaakt,40) en premier Balkenende zou mevr. Verdonk de belofte hebben afgedwongen dat mevr. Hirsi Ali hoe dan ook haar Nederlanderschap zou behouden41) (de vrijwel kamerbreed aangenomen moties van dezelfde strekking worden niet vermeld).
Net als in het geval van de New York Times zijn het ook hier de ingezonden brieven van lezers die nuttige correcties en aanvullingen op de berichtgeving van de krant zelf leveren. Zo wijst Elizabeth Wytzes uit Amsterdam er in een op 20 mei geplaatste brief terecht op dat in de artikelen van Ian Bickerton en Quentin Peel van 17 mei niet wordt vermeld dat mevr. Hirsi Ali de onwaarheden in haar asielverhaal al eerder openbaar had gemaakt. Even informatief zijn de correcties die Frits Bolkestein in zijn ingezonden brief van 25 mei aanbrengt. Hij wijst er onder meer op dat de kop boven Ian Bickertons artikel van 17 mei
"Asylum furore forces MP to quit Netherlands" niet correct is en dat mevr. Hirsi Ali al maanden eerder had besloten naar de VS te vertrekken; en ook zet hij uiteen dat het de onwaarheden in het naturalisatieverzoek zijn die tot de problemen hebben geleid. Hij voegt daaraan toe: "Rita Verdonk, the minister concerned, is right in worrying about a possible precedent since the law is the same for all, as I am sure it is in the UK."
Deze laatste zin leidt enkele dagen later tot een vinnige reactie van de Leidse filosoof dr. Eric Schliesser, die een aanvulling op de brief van de heer Bolkestein geeft: het feit dat zowel premier Balkenende als minister Verdonk enkele dagen na het Kamerdebat hebben verzekerd dat mevr. Hirsi Ali haar Nederlanderschap niet zal verliezen duidt erop dat de "rule of law the same for all" is in Nederland. Immers, "Ms Hirsi Ali will be spared the fate of countless other asylum-seekers to the Netherlands who have been deported by Ms Verdonk and her erratic and arbitrary bureaucrats because she is famous in powerful places (read Washington, DC)." Hoewel deze ontboezeming niet helemaal in de roos is -- in tegenstelling tot die "countless other asylum-seekers" had mevr. Hirsi Ali, terecht of ten onrechte, nu eenmaal al meer dan twaalf jaar een permanente verblijfsstatus --, bevat ze wel een kern van waarheid: mevr. Hirsi Ali heeft dank zij haar collega's in de Tweede Kamer, en uiteindelijk ook dank zij het kabinet-Balkenende, een andere behandeling gekregen dan andere Nederlanders in spe -- en oorspronkelijk met dringender redenen om asiel te zoeken -- in dezelfde situatie.

Frankfurter Allgemeine Zeitung (FAZ)
Evenals de artikelen van de Financial Times zijn die van de FAZ officieel alleen tegen betaling toegankelijk, maar op de een of andere manier zijn ze toch als gast te bekijken. Ik vond er vijf, resp. van 15 mei, 16 mei, 27 juni, 30 juni, 30 juni en 1 juli.
Het eerste artikel, van 15 mei, is niet van de FAZ zelf, maar van het persbureau dpa. De tekst ervan is identiek met die van de hierboven genoemde Wiesbadener Kurier van 16 mei, en hoewel de auteur in de FAZ niet vermeld wordt, gaat het dus om een artikel van de dpa-redacteur Thomas P. Spieker. Toch is er wel een verschil met het artikel in de Wiesbadener Kurier: het artikel in de FAZ bevat een foto van mevr. Hirsi Ali met het onderschrift "Vielleicht wollte sie ihrer Ausweisung zovorkommen", waarmee gesuggereerd dat dit de reden zou kunnen zijn voor mevr. Hirsi Ali's besluit om naar de VS te vertrekken. Zoals al eerder opgemerkt, is de tekst van het artikel op dit punt wel correct.
Het eerste artikel dat de FAZ zelf aan de affaire wijdde, dat van 16 mei, is van de hand van FAZ-redacteur Andreas Ross, Den Haag, en is een van de beste buitenlandse artikelen over de zaak die ik onder ogen heb gehad. Het slaat bij bijna alle hoofdpunten de spijker op zijn kop: het maakt onderscheid tussen de onwaarheden in de asielaanvraag en die in het naturalisatieverzoek,42) het vermeldt het arrest van de Hoge Raad en de rol die dat in de besluitvorming van de minister gespeeld kan hebben,43) en ook de redenen voor haar vertrek naar de VS zijn correct weergegeven.44) Alleen de "bijzondere omstandigheden" in het arrest van de Hoge Raad die naderhand zo'n grote rol zouden spelen, worden nog niet vermeld, maar de auteur heeft duidelijk het Kamerdebat van 16-17 mei nog niet gezien of gelezen. Hoewel het Somalische namenstelsel niet wordt uitgelegd blijkt uit een zin in het artikel dat de auteur het wel begrijpt, en hij weet dat begrip in die zin ook op de lezer over te brengen.45)
Dat begrip blijkt helaas niet uit het volgende, anonieme, artikel in de FAZ, van 27 juni, waarin wordt gemeld dat mevr. Hirsi Ali toch Nederlandse zal blijven. Hoewel mevr. Hirsi Ali hier -- anders dan in vrijwel alle andere publicaties die ik onder ogen heb gehad -- terecht als "Frau Ali" (en niet mevr. Hirsi Ali) wordt aangeduid, lijkt de auteur niet te begrijpen dat de namen Magan en Ali beide de grootvader van mevr. Hirsi Ali betreffen.46) Ook een artikel van 30 juni, onder de titel "Niederländische Regierung am Ende", lijdt aan dit euvel.47)

Le Monde
Het Franse dagblad Le Monde heeft voor de berichtgeving over Nederland een correspondent in Brussel, Jean-Pierre Stroobants. Van zijn hand vond ik 5 artikelen, resp. van 17 mei, 20 mei, 31 mei, 28 juni en 30 juni. Deze stukken hebben een sterk opiniërend karakter, met mevr. Hirsi Ali in de rol van slachtoffer aan wie niets te verwijten valt, en "IJzeren Rita" als populistische en door ambitie gedreven politica. Maar van de feiten in de affaire heeft de auteur maar een zeer vage voorstelling, en hij slaagt erin op alle hoofdpunten en op nog een aantal andere details de plank volledig mis te slaan. Volgens hem waren de onwaarheden in het asielverhaal van 14 jaar geleden voor mevr. Verdonk reden om tot denaturalisatie over te gaan;48) bij alle speculaties over de beweegredenen van minister Verdonk verzuimt de verslaggever consequent het arrest van de Hoge Raad te noemen, en dus komen ook de "bijzondere omstandigheden" daarin, die in de afloop van de zaak zo'n grote rol speelden, niet ter sprake; wat de reden voor het vertrek van mevr. Hirsi Ali naar de VS betreft slaat Stroobants de plank zelfs twee keer mis: op 20 mei wijt hij dat vertrek aan de procedure van de buren van mevr. Hirsi Ali tegen de Staat in verband met hun woongenot, op 28 juni suggereert hij dat het denaturalisatievoornemen van mevr. Verdonk de reden is geweest.49) Op 28 juni meldt Stroobants dat mevr. Hirsi Ali haar Nederlanderschap en haar paspoort heeft teruggekregen,50) wat erop wijst dat hij niets van de hele procedure heeft begrepen, en de reden daarvan was volgens hem dat mevr. Hirsi Ali in plaats van de naam van haar vader (Magan) ook die van haar grootvader (Ali) mocht voeren51) -- wat erop duidt dat de clou van de door mevr. Hirsi Ali's advocaten bedachte oplossing hem ook is ontgaan. Verder wekt hij de indruk te denken dat mevr. Hirsi Ali in 1992 samen met haar vader uit Somalië naar Nederland was gekomen,52) en blijkt de namen van Jozias van Aartsen ("Aartzen") en Wouter ("Wouters") Bos niet correct te kunnen spellen.

Expatica
Dit overzicht van de berichtgeving over de zaak-Hirsi Ali kan niet anders dan incompleet zijn, maar het zou beslist een omissie zijn als daarin Expatica ontbrak, een site met nieuws en informatie voor Engelslezende buitenlanders in Nederland en enkele andere Europese landen. Berichten die door de diverse afdelingen worden gepubliceerd zijn afkomstig van de nationale persbureaus (voor Nederland het ANP) en/of, in voorkomende gevallen, van Expatica zelf; op de Duitse Expatica trof ik dit interessante berichtje van dpa aan.
De berichtgeving over Nederland op deze site is niet alleen interessant omdat ze door expats in Nederland wordt verzorgd en gelezen, maar ook omdat ze door veel door blogs wordt geciteerd. Daarbij komt dat de site niet alleen nieuws en informatie vanwege de redactie verschaft, maar ook een veel gebruikt forum biedt voor de meningen van lezers. In het geval-Hirsi Ali roepen de op het forum geplaatste berichten en meningen vaak tientallen reacties op.
Wie de site search engine van de Nederlandse Expatica gebruikt om naar de combinatie Hirsi en Verdonk te zoeken, treft daar niet minder dan 23 unieke relevante berichten aan, resp. van 12 mei, 15 mei, 16 mei, 16 mei, 16 mei, 16 mei, 16 mei, 17 mei, 17 mei, 18 mei,
23 mei, 23 mei, 24 mei, 24 mei, 21 juni, 23 juni, 27 juni, 27 juni, 28 juni, 29 juni, 30 juni, ongedateerd, ongedateerd. De ongedateerde stukken zijn redactionele commentaren. Wie geïnteresseerd is in de vraag door wie deze worden geschreven, leze Expatica's Dutch news in English: Ministerial food for thought.
In het onderstaande bespreek ik alleen de berichtgeving van Expatica (met of zonder het ANP) zelf, niet de discussies op het forum. Als we dan weer naar de hoofdpunten kijken, doet zich een gemengd beeld voor. Merkwaardig voor juist deze bron is dat geen duidelijk onderscheid wordt gemaakt tussen de onwaarheden in de asielaanvraag en die in het naturalisatieverzoek.53) Maar het arrest van de Hoge Raad wordt wel vermeld,54) zij het dat daarbij de "bijzondere omstandigheden" buiten beeld blijven, en dat als motief voor mevr. Verdonks daadkracht toch ook haar lijsttrekkerambitie wordt genoemd.55) Volgens de berichtgeving in Expatica had mevr. Verdonk van de Tweede Kamer opdracht gekregen mevr. Hirsi haar Nederlanderschap te laten behouden, "no matter what",56) een kernachtige, maar nogal ongenuanceerde weergave van de boodschap van de Kamer aan minister Verdonk. Het gevolg is dat de berichtgeving in Expatica geen oog heeft voor het ragfijne spel dat de minister en de advocaten van mevr. Hirsi Ali vervolgens met de naamswisseling Ali/Magan (grootvader) en Magan/Ali (kleindochter) hebben gespeeld. Volgens Expatica mocht mevr. Hirsi Ali de naam Ali volgens Somalisch recht dragen omdat dat de naam van haar grootvader was,57) wat de redacteur tot de conclusie brengt dat minister Verdonk het Somalisch recht boven het Nederlands recht heeft laten prevaleren;58) een onjuiste conclusie, dat staat gewoon in de wet; ten tijde van het naturalisatieverzoek was mevr. Hirsi Ali nog Somalische en was volgens art. 1 van de Wet conflictenrecht namen op haar naam het Somalische recht van toepassing. De werkelijke redenen waarom de gekozen oplossing als zeer dubieus mag gelden (zie mijn vorige post) komen niet ter sprake. Uitleg over het Somalische namenstelsel (alleen voornamen) ontbreekt. Daarentegen scoort de berichtgeving op twee punten wel goed: de redenen voor haar vertrek naar de VS59) en het feit dat de Zembla-uitzending nieuws bevatte dat niet al eerder door mevr. Hirsi Ali zelf in de publiciteit was gebracht.60)
Wat de detailfoutjes betreft, evenals veel andere nieuwsbronnen meldt Expatica dat mevr. Hirsi Ali in 1992 binnen vijf weken haar asielstatus had gekregen. Dat zou moeten zijn: binnen drie weken. Intussen is mij wel gebleken dat zo'n foutje een medium nauwelijks aan te rekenen is: een van de bronnen ervan is mevr. Hirsi Ali's woordvoerster Ingrid Pouw.

Het American Enterprise Institute for Public Policy Research (AEI)
Een andere interessante nieuwsbron over de affaire-Hirsi Ali is het American Enterprise Institute for Public Policy Research, dat inmiddels haar nieuwe werkgever is. In een korte publicatie van de hand van Christopher DeMuth, de president van het instituut, getiteld Some Trans-Atlantic Challenges, beschrijft hij de affaire aldus:

"[...]
The Case of Ayaan Hirsi Ali
More ominously, we may have embarked on an era where liberal principles and achievements are undermining themselves. That potential was on display in the Netherlands this spring in the case of Ayaan Hirsi Ali, a Somali-born Dutch citizen of conspicuous intellect and courage. She had immigrated to Holland fourteen years ago, obtained asylum status, and energetically assimilated into Dutch society—learning the language, taking a variety of jobs, attending university, and eventually entering politics. But her views, especially on Muslim doctrine and women’s rights, were highly controversial (she is a lapsed Muslim and had arrived in Holland in flight from an arranged in absentia marriage to a littleknown distant relative). Following the murder of a colleague and repeated death threats to herself, she was provided an armed guard and secured residence. Public opinion, fearful of her provocative views and activities and inflamed by outlandish news reports organized by her political opponents, began to turn against her.
In April, a Dutch court evicted Ms. Hirsi Ali from her apartment in response to a lawsuit filed by her neighbors. The court found that her presence violated her neighbors’ right to “feel safe” in their homes—a right guaranteed by the European Convention on Human Rights. That judgment was legitimate as a legal matter and monstrous as an ethical matter. The convention is enforceable in Dutch courts and provides that “[e]veryone has the right to respect for his private and family life, his home and his correspondence.” But the decision meant that every Dutchman (and by implication every European) has a right to Ms. Hirsi Ali’s absence from his
neighborhood.1
That meaning—national banishment—was then effectively affirmed, in early May, when the Dutch immigration minister, relying on false statements in Ms. Hirsi Ali’s 1992 asylum application, revoked her citizenship outright. That decision, too, was both lawful and monstrous. The falsehoods on her application—she had used a grandfather’s last name rather than her father’s, and had claimed to have arrived straight from Somalia rather than via Kenya and Germany—did not require the decision but were legally sufficient for the minister’s exercise of discretion. But the falsehoods were minor, aged, and necessary to a young girl’s escape from intolerable and probably dangerous circumstances; they had been common knowledge in Holland for several years (Ms. Hirsi Ali announced them herself in 2002) and known all along to the immigration minister; and they were similar to the expedients that many thousands of Dutch immigrants have used to obtain citizenship without subsequent threat of revocation.

Modern and Primitive Forces in Politics
What is horrendous about the Hirsi Ali case is that a modern, liberal society (indeed a proudly “tolerant” one) should single out a law-abiding citizen and political leader for national exile, essentially on grounds of convenience—and that such a primitive deed should be accomplished by thoroughly lawful, democratic procedures (indeed in the name of “human rights”). The modern sovereign, public opinion, declared, “Will no one rid us of this turbulent woman?”—and its courtiers took the hint and dutifully complied, using the modern means at their disposal.

[...]

Afterword
The Dutch government reinstated Ayaan Hirsi Ali’s citizenship on June 26 in response to widespread criticism of its earlier decision. Then, on June 29, the government itself fell when a coalition party withdrew its support in protest over the earlier decision. In the meantime, Ms. Hirsi Ali had accepted an appointment from the American Enterprise Institute in Washington, D.C.; she will begin work as a resident fellow at AEI in September.

Note
1. The neighbors also complained that the security measures adopted to protect Ms. Hirsi Ali constituted an unreasonable nuisance to them. That complaint might have been resolved by modifying the security measures. But the court found that the nuisance complaint had not been adequately demonstrated and rested its eviction decision on the fact that neighbors “feel unsafe” because of the presence of Ms. Hirsi Ali and her security protections. The ad hominem character of the decision was reinforced when the neighbors agreed to permit the Dutch government to continue to use Ms. Hirsi Ali’s apartment as a safe house with security guard—but with someone in residence other than herself."

Ik heb het aan de zaak-Hirsi Ali gewijde deel van de publicatie in zijn geheel overgenomen om de lezer zelf over de juistheid van de daarin gepresenteerde feiten te laten oordelen. De publicatie (in PDF) is van 24 juli, en is gebaseerd op een lezing van de heer DeMuth van 18 mei in Madrid. Wat mij onder meer opvalt is dat pas in het Afterword, dat duidelijk van na 29 juni dateert, wordt gemeld dat mevr. Hirsi Ali "in the meantime" een benoeming bij het AEI heeft aanvaard. Dit terwijl mevr. Hirsi Ali zelf al op 16 mei had aangekondigd dat ze daar zou gaan werken en de heer DeMuth zelf haar in een op 16 mei gedateerde brief een functie als "resident fellow" bij zijn instituut had aangeboden.

Blogs en zines
Tot slot nog iets over de berichtgeving in enkele weblogs en zines. Deze bronnen hebben een wat ander karakter dan enerzijds Wikipedia en anderzijds de persbureaus en de kranten en bladen. Weblogs doen in de regel niet aan eigen nieuwsgaring -- hoewel er ook op die regel uitzonderingen zijn -- maar gebruiken doorgaans de berichtgeving van andere media om commentaar op gebeurtenissen te leveren en discussie met lezers op gang te brengen. In dat laatste opzicht kunnen ze -- net zoals ingezonden brieven in kranten -- een nuttige functie hebben waar het het aandragen en de beoordeling van feiten betreft.
Hieronder bespreek ik de berichtgeving in zomaar een paar blogs die ik via de blogzoekmachine van Google vond, met in de Preferences Engels als taal van de gezochte posts.
Een weblog dat regelmatig aandacht be