Kinderen die opgroeien tussen boeken gaan gemiddeld drie jaar langer naar school. Ongeacht het opleidingsniveau van hun ouders. Dat is het resultaat van een wereldwijd onderzoek naar schoolsucces in 27 landen (NRC wetenschapsbijlage 22 mei). In het onderzoek zijn 70.000 gezinnen betrokken uit westerse landen, de voormalige communistische landen en landen als China en Zuid-Afrika. Boeken stimuleren kennelijk het doorleren in alle omstandigheden. Maar hoe komen die boeken in huis?
Op die vraag geeft het onderzoek geen antwoord. De onderzoekers veronderstellen dat er naast het feitelijke opleidingsniveau van de ouders zoiets bestaat als een 'scholarly culture', een klimaat waarin nieuwsgierigheid, leren en lezen worden aangemoedigd. Kinderen confronteren met boeken is een uitdrukking van die cultuur. Het lidmaatschap van een openbare bibliotheek hoort daar ook bij, zou ik zeggen. Maar het gaat natuurlijk niet om de boeken zelf. De achterliggende factor is gelegen in de ambitie van de ouders die vinden dat hun kinderen verder moeten komen. Interessant is te constateren dat het stimulerende effect dat de onderzoekers waarnemen groter is in de laagste opleidingsniveaus.
Dit soort onderzoek bevestigt in feite de trends die we in Nederland in de vorige eeuw hebben kunnen waarnemen bij de emancipatie van de arbeidersbevolking. Ouders die niet, of in hun ogen niet ver genoeg hebben doorgeleerd, projecteren hun ambities op hun kinderen en stimuleren hen op alle mogelijke manieren om door te leren. De rol van de volksopvoedende instituten binnen en buiten de arbeidersbeweging was daarbij niet te verwaarlozen. Met scholen, bibliotheken en uitgeverijen gericht op de werkende bevolking zijn de ouderlijke ambities opgevoerd. Volksopvoeding is een term die we in de verkiezingsprogramma's van dit jaar niet meer tegenkomen. Maar zo'n onderzoek laat zien dat we er toch veel van kunnen leren bij het oplossen van hedendaagse problemen. Of boeken hierbij opnieuw zo'n grote rol kunnen spelen als in de vorige eeuw betwijfel ik. Maar de achterliggende gedachte dat investeren in volwasseneneducatie, op welke manier dan ook, op termijn bijdraagt aan het niveau van de volgende generaties moet toch leidend zijn voor de politicus die even verder denkt dan de waan van de dag.
Reacties